Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

5 x typical Philippe Lemm

Tekst en beeld: Karen van Gilst













De Nederlandse drummer Philippe Lemm (1985) woont in New York. Dit jaar verscheen van het Philippe Lemm Trio het goed ontvangen 'New Amsterdam', met pianist Angelo Di Loreto en contrabassist Jeff Koch. Op 7 juli speelt het trio op North Sea Jazz. Philippe Lemm is de eerste gast in 5xtypical, een nieuwe rubriek van fotografe en tekstschrijfster Karen van Gilst.


DJ Shadow – ‘Building Steam With A Grain Of Salt’

Toen ik net naar de middelbare school ging luisterde ik naar stromingen als triphop en big beat. Naar DJ Shadow heb ik echt obsessief geluisterd. Hij maakte beats met een soort samples eroverheen. Dat klinkt misschien niet heel hoogdravend maar de man zelf is van origine drummer. Hij knipt en plakt de samples op zo’n manier dat het gemixt nog steeds logisch klinkt. Als je als drummer beats gaat verknippen maar nog wel weet waar ze mechanisch gezien vandaan komen dan klinkt het nog steeds organisch. 





Le Mystère des Voix Bulgares  – ‘Dragana I Slavei’
Ik heb geen idee waar dit Bulgaarse vrouwenkoor over zingt, maar ik vind het ontzettend mooi. Toen ik het voor het eerst hoorde had ik tranen in mijn ogen. Als je het vaker hoort kun je die eerste emotionele ervaring niet meer opwekken, maar ik kan me mijn reactie nog heel goed herinneren. 

De muziek is geheel vocaal en het koor bestaat uit dertig tot veertig vrouwen, van jong tot oud. Ze hebben schelle stemmen, rijke harmonieën, brede akkoorden en clusters die zich dicht bij elkaar bevinden. Plus, ze zijn loep zuiver. Je kunt het met instrumenten proberen na te doen, maar de expressie van de menselijke stem is dermate direct dat het nooit hetzelfde over komt. Uit de menselijke stem haal je van nature meer emotie. 

Hoe verklaar je dat je dit mooi vindt maar tegelijk ook luistert naar DJ Shadow?
Ik denk dat dat toch te maken heeft met waar je mee opgroeit, mijn moeder draaide vroeger veel Bach. Ik denk dat zijn muziek, de Matthäus Passion in het bijzonder, en het koor daarin, veel invloed heeft gehad op mijn muzieksmaak. Veel meer dan jazz eigenlijk.

Daarnaast zingt dit koor ook heel ritmisch. Ze hebben bijvoorbeeld ook liederen die heel Bulgaars zijn, geschreven in 11 en 7, liederen die heel snel zijn zonder dat dat het doel heeft om indrukwekkend over te komen. 

(Le Mystère des Voix Bulgares is te zien op festival Le Guess Who?, van 9 t/m 12 november in Utrecht – Red.)



Lettuce – ‘Nyack’

Lettuce is een Amerikaanse funk- en jamband. Het is een grote groep met een hoop blazers, orgel, gitaar en superveel energie. De groove is waanzinnig. Zoiets waarop je echt niets anders kan dan dansen. Zo aanstekelijk als James Brown. En daarnaast zit het qua arrangement ook goed in elkaar. 

In mijn derde jaar van het conservatorium leidde ik een kwintet onder mijn eigen naam. Met saxofonist Maarten Hoogenhuis en gitarist Eran Har Even, pianist Dragen Chalina en bassist Martin Holtafscki. We hadden een modern jazzrepertoire waarmee we een plaat hebben uitgebracht. Maar op tour, spelend in de straten van Parijs, merkten we dat weinig mensen zaten te wachten op moderne jazz. Buiten telt elke seconde, je publiek kan zo weglopen. Wat wel weer een kick geeft als ze daadwerkelijk blijven staan. Dus daar speel je op in.

Naast dat die gasten toen al enorm goede jazzmuzikanten waren speelden we ook graag Soulive en D’Angelo, dat soort dingen. Van Benjamin Herman speelde we ‘Cherry 2000’. Volgens mij bestaat er ook een filmpje dat we dit ‘Nyack’ in een kroeg in Parijs spelen en mensen helemaal uit hun plaat gaan.





Brian Blade Fellowship – ‘Red River Revel’
Brian Blade is een van mijn favoriete drummers, for many reasons. Hij schrijft ontzettend mooie combinaties tussen folkmuziek - bijna country-achtig door die slidegitaar - en jazz.

Deze plaat was mijn eerste kennismaking met ‘conservatorium jazz’. Voor het conservatorium luisterde ik nooit specifiek naar drummers. Ik checkte nooit waar de drummer vandaan kwam of van waaruit de muziek was gegroeid. Luisteren naar Brian Blade veranderde dat. Van hem wilde ik alles weten. Zo hoorde ik dat de drummers waar ik vaak naar luisterde, Klaas van Donkersgoed bijvoorbeeld, ook door hem beïnvloed waren. De latere platen van deze groep, ‘Perceptual’ bijvoorbeeld, ‘Landmarks’ en ‘Seasons of Change’, waren misschien wel beter, maar mijn eerste aanraking met deze groep was met dit album en betekend voor mij persoonlijk dus meer.

Vind jij dat je teveel wordt beïnvloed door de drummers waar je naar luistert?
Dat is een moeilijk onderwerp omdat alles wel ergens vandaan komt. Er zit een traditie achter drums, achter jazz. Om de zoveel tijd staat er wel weer een oude rot uit het vak op die heel erg overtuigd is dat je die traditie van jazz, die geschiedenis, goed moet beheersen voordat je er überhaupt iets nieuws aan toe mag voegen. Of dat de nieuwe generatie alleen maar bezig is met het vinden van hun eigen stem. Ze missen de wortels van de jazz wordt er dan gezegd. Die gedachte begrijp ik heel goed. Maar aan de andere kant verandert er veel in de muziekindustrie. 

Voor heel traditionele jazzmuziek is in de huidige tijd nog weinig ruimte. Het publiek en de industrie geven nu blijkbaar de voorkeur aan muzikanten met hun eigen stem. Niet gek dat muzikanten zich aan die wens gaan conformeren. Kan jij iemand opnoemen die nog een betaald concert geeft vol jazz standards? En goed verkoopt? Het is gewoon heel lastig voor muzikanten om die geleerde traditie toe te passen.





Dawn Of Midi – ‘Dysnomia’ (hele album)
Deze plaat draaide ik een keer al lopend door de straten van New York. Na twee nummers te luisteren door mijn hoofdtelefoon besloot ik de metro over te slaan en de hele weg naar huis te lopen. Onder leiding van deze plaat. Dat was echt een hele toffe ervaring. New York is natuurlijk heel snel, iedereen is druk en heeft altijd haast, deze muziek heeft iets wat daar een rustige onderlaag in geeft. Alsof je in een soort slow motion leeft ten opzichte van de wereld om je heen. Heel tof. 

De band gebruikt akoestische instrumenten. Drums, contrabas en piano. De hele plaat, ‘Dysnomia’, lijkt een lange track van 45 minuten waarin een lange spanningsboog wordt opgebouwd. Het is repetitief maar er zitten hele kleine dingen in die verschuiven waardoor je nooit exact hetzelfde hoort. Het werkt bijna hypnotiserend. Ook ritmisch zit het ontzettend slim in elkaar. Als een klok met heel veel raderen die dan uiteindelijk wel samen vallen maar allemaal cyclussen hebben die anders werken.

Wetende dat onze aandachtspanne tegenwoordig echt niet meer langer is dan dertig seconden, is het tof te zien dat ze mensen blijven trekken. Gewaagd ook wel.



© Jazzenzo 2010