Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Elliot Galvin – Modern Times

CD-RECENSIE 

Elliot Galvin – Modern Times
bezetting: Elliot Galvin piano; Tom McCredie contrabas; Corrie
Dick drums
opgenomen: 6 december 2018, Artone Studio, Haarlem
uitgebracht: 19 april 2019
label: Edition Records
aantal stukken: 10
tijdsduur: 41’42
website: elliotgalvin.com - editionrecords.com 
door: Mathijs van den Berg



Naast zijn betrokkenheid bij Dinosaur als toetsenman heeft de jonge Brit Elliot Galvin een eigen trio, waarin overigens ook Dinosaur-drummer Corrie Dick speelt. Terwijl Galvin met Dinosaur elektronische muziek speelt, gaat hij met zijn trio op hun derde album geheel op de akoestische tour. Hij wil hier zelfs een statement mee maken, getuige ook de albumtitel die verwijst naar Chaplins beroemde protest tegen de geïndustrialiseerde wereld. In Galvins geval de gedigitaliseerde wereld. ‘Modern Times’ werd in één take met allerlei vintage analoge opnameapparatuur vastgelegd in de Artone Studio in Haarlem door Rinus Hooning en Martijn Schoutzen.

Galvin liet zich inspireren door een optreden van Jason Moran en wilde een plaat maken met muziek die net zo eerlijk en direct klonk. De tien nummers lopen naadloos in elkaar over, zodat je als het ware gedwongen wordt het album in zijn geheel te beluisteren. Niks hapsnap Spotify-consumentisme. Als de weerslag van een spontane opnamesessie, klinkt ‘Modern Times’ inderdaad fris en bevrijdend. Het trio gaat er bovendien flink tegenaan in stukken die over het algemeen veel vaart hebben.

Door de rockende drums en bas en de felle, ritmische toetsaanslag doet de muziek regelmatig aan het Neil Cowley Trio denken. Door de pop- en rockinvloeden liggen de nummers al gauw prettig in het gehoor. Toch wordt voorspelbaarheid zorgvuldig gemeden door onverwachte wendingen en tempowisselingen. Galvin speelt lekker dwars en het trio laat de muziek af en toe expres uit de rails lopen, zoals op ‘Mr. Monk’. Piano, bas en drums klinken ongepolijst als de raderen van een ouderwets mechaniek. Op ‘Cat and Mouse’ wordt het vuurtje nog extra opgestookt door met de muziek mee te klappen. Je kunt je al helemaal voorstellen hoe een optreden van dit trio van het podium afspat. Af en toe klinkt het wel erg dol, zoals op ‘Shadows’, maar precies op dat moment neemt het trio dan weer wat gas terug.

‘Fountainhead’ en het folky ‘Into the Dark’ zijn relatieve rustpunten. Maar ook hierop rommelt en kreunt het. Op ‘Gold Shovel’ bereikt de band gestadig een fors geluid met een grommende bas, stevige drums en bluesy piano. Hoewel het volgens de ‘kenner’ wel weer geen jazz zal zijn en het Elliot Galvin Trio wel erg schatplichtig is aan Neil Cowley, is dit een lekkere, vrij ademende plaat. Om na een suffe werkdag hard te draaien. Of om straks misschien op een van onze podia met al zijn power te ondergaan. 




Ghost


© Jazzenzo 2010