Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

corto.alto: een muzikaal fortuin uit Glasgow

CONCERTRECENSIE. corto.alto, LantarenVenster, Rotterdam, 14 oktober 2026
Tekst en beeld: Jeroen Jansen

Wie de afgelopen jaren de vernieuwing in de Britse jazz volgde, keek vooral naar Londen. Maar ruim vijfhonderd kilometer noordelijker, in het regenachtige Glasgow, groeide in de schaduw van de hoofdstad een even vitale scene. Rond de Royal Conservatoire of Scotland vond een generatie jonge muzikanten elkaar, die elkaars bands bevolken, elkaars platen inkleuren en bewust in hun eigen stad blijven. Trombonist, producer en multi-instrumentalist Liam Shortall is daarvan een van de drijvende krachten. Met zijn project corto.alto stond hij voor het eerst in LantarenVenster, met muziek van zijn nieuwe album 'Some Small Fortune'.

  
corto.alto met multi-instrumentalist Liam Shortall en toetsenist Fergus McCreadie in LantarenVenster.

Kort en lang
Shortall, geboren in Dumfries en opgegroeid in Glasgow, begon op zijn zestiende aan de jazzopleiding van het conservatorium en werd de jongste afgestudeerde die die opleiding ooit kende. Hij speelde trombone in het Scottish National Jazz Orchestra en maakte intussen beats op zijn slaapkamer. 

Corto.alto begon in 2019 bijna als een spel: om de drie weken een nieuw stuk, opgenomen met vrienden in zijn flat aan Sauchiehall Street. De naam is een grap op zijn achternaam, Spaans voor kort en lang, een knipoog naar zijn Spaanse vader. Het debuut 'Bad With Names' (2023) leverde een nominatie voor de Mercury Prize op, en na optredens op onder meer Glastonbury, Montreux en North Sea Jazz volgde een contract bij Ninja Tune, waar in september 'Some Small Fortune' verscheen.

  
Shortall speelde niet alleen trombone maar wisselde moeiteloos naar gitaar, basgitaar en keyboards, waarmee hij de fundering legde waarop zijn medemuzikanten konden bouwen.

Muzikale duizendpoot
Dat Shortall zijn muziek niet in één hokje laat stoppen, bleek vanaf de eerste noten. Jazz, broken beat, hiphop, funk en elektronica schuiven bij corto.alto naadloos in elkaar, gedragen door strak gelegde grooves vol onverwachte tempowisselingen. Brits radio-icoon en platenbaas Gilles Peterson vergeleek de band ooit met een kind van Hiatus Kaiyote en Masters At Work, en live werd duidelijk wat hij bedoelde. Shortall zelf bleek een muzikale duizendpoot. Hij speelde niet alleen trombone, met een warme, soms bijna klagende toon, maar wisselde moeiteloos naar gitaar, basgitaar en keyboards, waarmee hij de fundering legde waarop zijn medemuzikanten konden bouwen.

Het nieuwe materiaal stond centraal. 'Thief', op de plaat een botsing tussen klassieke strijkers en haperende elektronische drums, kreeg zonder strijkkwartet een rauwere gedaante, met een galopperende broken beat en de ene climax na de andere. In 'Don't Listen' vielen trombone, opgejaagde drums en sirenes samen tot precies de magnetische energie waar deze band om bekendstaat. Daartegenover stond het tedere 'Omni', een van de meer klassiek getinte stukken van het album, dat op de plaat wordt gezongen door Findlay zelf. 

  
Saxofonist Mateusz Sobieski en slagwerker Graham Costello.

Solisten
En dan de solisten. toetsenist Fergus McCreadie, die met zijn eigen trio de shortlist van de Mercury Prize haalde en de Scottish Album of the Year Award won, speelde de ene na de andere geweldige solo. Zijn spel is lenig en melodisch rijk, met een lyriek die verraadt dat hij net zo thuis is in de Schotse folktraditie als in de jazz van Keith Jarrett. Saxofonist Mateusz Sobieski bracht vuur en rauwheid in de blazerspartijen, terwijl drummer Graham Costello, zelf bandleider van het ensemble Strata, de boel met zichtbaar plezier in beweging hield.

Samenstelling
Opvallend was hoe vaak de band van samenstelling veranderde. Muzikanten verdwenen van het podium en keerden terug, waardoor de bezetting voortdurend verschoof van het volle kwartet naar kleinere combinaties. Zo kreeg elk stuk een eigen kleur en bleef de spanning de hele avond hoog. Het past bij Shortall, die live graag iets anders speelt dan op de plaat.

Het publiek, grotendeels staand, liet zich gewillig meevoeren. corto.alto bewees in LantarenVenster dat jazz uit Glasgow niet onderdoet voor die uit Londen, en dat Shortall met 'Some Small Fortune' meer in handen heeft dan een klein fortuin.


© Jazzenzo 2010