Laura Perrudin – Tempus
CD-RECENSIE
Laura Perrudin – Tempus
bezetting: Laura Perrudin zang, lever harp, geprepareerde lever harp, gitaar, geprepareerde gitaar
opgenomen: Studio des Bruères, Mignaloux-Beauvoir
uitgebracht: 23 januari 2026
label: BMC Records
aantal stukken: 14
tijdsduur: 54'22"
website: lauraperrudinmusic.com - bmcrecords.hu
door: Jeroen Jansen
Laura Perrudin is niet nieuw meer in de wereld van de harp die zich weinig aantrekt van de grenzen van haar instrument, maar op 'Tempus' zet ze die zoektocht in dienst van een onderwerp dat zich moeilijker laat vangen dan een akkoord: de tijd zelf.
Vermommingen
De Française bespeelt op deze plaat, haar zevende voor het Hongaarse BMC, twee instrumenten en telkens twee vermommingen ervan. Naast haar vertrouwde lever harp, hier zowel gewoon als geprepareerd ingezet, grijpt ze net zo vaak naar de gitaar, ook die weer eens ongemoeid en dan weer geprepareerd tot een kruising tussen kick drum en snaar. Het resultaat is een klankwereld die zich niet makkelijk laat categoriseren, akoestisch van oorsprong maar door tinkeren en hacken tot iets elektroakoestisch omgevormd, waarin haar stem, zacht en precies, voortdurend als derde instrument meespeelt.
Dat sleutelen aan het instrumentarium weerspiegelt het concept van de plaat. Perrudin verzet zich tegen een tijd die alles standaardiseert en verkoopt, en zoekt in veertien nummers naar een tijd die weer ademt: de lineaire, kwantitatieve Chronos wordt ingeruild voor Kairos, het geschikte moment, en Aion, de cyclische tijd. Opener 'Utempia' zet die utopie meteen neer, licht en zwevend, met een harp die eerder fluistert dan speelt en een stem die de stilte tussen de noten net zo belangrijk lijkt te vinden als de noten zelf.
Geleende zinnen
'Cruauté' is het meest opvallende nummer van de plaat, niet in de laatste plaats omdat het de enige tekst is die niet van Perrudins eigen hand komt: ze bouwde het stuk rond regels van de Franse dichteres Laura Vasquez, uit 'Vous êtes de moins en moins réels'. De montage van geleende zinnen past naadloos bij een plaat die over tijd, verlies en herinnering gaat, en het wringende gitaarwerk begeleidt een tekst die kil en dwingend aandoet.
In 'Le Nerf de la Guerre' toont Perrudin dat haar geprepareerde gitaar ook stevig kan stampen: het stuk krijgt een ritmische onderstroom die dichter bij de rockband ligt dan bij de harpiste die men van haar kent, zonder dat de fijnzinnigheid verloren gaat. Tegenover die scherpte staat 'Meaning', waarin de dood eerder als gesprekspartner dan als vijand wordt benaderd en de harp haar meer klassieke, glinsterende karakter terugkrijgt.
Troebel water
Ook 'See' en 'Rhinocéros' verdienen aandacht. In 'See' decanteert Perrudin, zoals ze het zelf omschrijft, troebel water, met een gedragen harppartij die traag helder wordt en een stem die nauwelijks meer dan fluistert. 'Rhinocéros' is bozer van toon, een stuk over spoken en blinde vlekken waarin de geprepareerde snaren botsen in plaats van vloeien, en dat de plaat op het juiste moment een schop onder de vleugels geeft voordat ze weer richting bespiegeling zakt.
De plaat sluit af met 'C'est vous qui passez', een stuk dat de rollen omdraait: niet de mens overleeft de tijd, maar de tijd overleeft de mens, en Perrudin laat dat besef zonder sentimentaliteit landen, in een arrangement dat opvallend kaal is voor een plaat die verder zo rijk geschakeerd klinkt.
'Tempus' is een plaat die om herhaald luisteren vraagt, niet omdat ze zich verstopt, maar omdat elke geprepareerde snaar en elke gefluisterde lettergreep een eigen filosofie in zich draagt. Perrudin bewijst opnieuw dat de harp, mits men bereid is haar open te schroeven, een instrument is met een verrassend grote actieradius.
