Jadi Peperzak Quartet – Amity
CD-RECENSIE
Jadi Peperzak Quartet – Amity
bezetting: Jadi Peperzak gitaar; Kasyfi Kalyasyena piano; Sulav Maharjan contrabas; Rafael Slors drums; Nicolò Ricci tenorsaxofoon
opgenomen: 18 en 19 december 2024, Studio Smederij, Zeist
uitgebracht: 3 mei 2026
label: Peperbag Records
aantal stukken: 7
tijdsduur: 41'48
website: jadipeperzak.nl
door: Jeroen Jansen
Het Rotterdamse Conservatorium levert al jaren opmerkelijke talenten af, maar de Jadi Peperzak Quartet is een bijzonder geval. De vier muzikanten vonden elkaar al in de collegebanken van Codarts en groeiden van studiegenoten uit tot een ensemble waarmee ervaren professionals graag op het podium staan. Dat het debuut er nu is, is welkom nieuws. Dat het ook meteen zo goed is, is een verrassing die nauwelijks als verrassing voelt als je de plaat een paar keer hebt gehoord.
'Amity' telt zeven composities, alle van de hand van gitarist en bandleider Jadi Peperzak (2000). De titels zijn bewust luchtig gehouden: Peperzak schrijft vanuit emotie, maar wil de luisteraar de vrijheid geven zijn eigen betekenis mee te brengen. Dat klinkt als een vrijbrief voor vrijblijvendheid, maar de muziek bewijst het tegendeel. Neem het openingsstuk '00:59', een van de eerste nummers die hij voor dit kwartet schreef en altijd al zijn vaste setopener. Het is een nummer dat weet hoe een avond moet beginnen: energiek maar niet ongeduldig, met ruimte voor de band om zich meteen neer te zetten.
Van rond en vol tot vuil
Peperzak speelt gitaar met een ongewoon gevoel voor dynamiek. Jarmo Hoogendijk, zijn docent improvisatie aan Codarts, spreekt in de linernotes van een gitarist die van rond en vol tot vuil kan gaan en die achtste noten en syncopen inzet met een precisie die rijper klinkt dan zijn leeftijd doet vermoeden. Dat klopt. Maar wat minstens zo opvalt is hoe Peperzak ruimte laat. 'Seven No More' begon als een 7/8-compositie en werd herschreven in 4/4, simpelweg omdat het zo beter voelde. Dat soort beslissingen, het loslaten van een idee wanneer het de muziek in de weg staat, onderscheidt de componist van de vakman.
Pianist Kasyfi Kalyasyena is de stille kracht van het kwartet. Hoogendijk roemt hem om zijn vermogen motieven te bedenken en te ontwikkelen tijdens het improviseren, en je hoort het. Zijn bijdragen vullen niet op; ze sturen, becommentariëren, antwoorden. Sulav Maharjan op contrabas speelt met energie en inventiviteit, en het samenspel met Rafael Slors op drums is het fundament waarop alles rust. Dat Slors' bekkens bijzonder goed zijn opgenomen, is een detail dat pas na een paar keer luisteren opvalt maar daarna niet meer weggedacht kan worden.
Kern
Tenorsaxofonist Nicolò Ricci treedt op als bijzondere gast en tekent voor enkele van de sterkste momenten op de plaat. Zijn solo's zijn rauw en direct: iemand die heeft geluisterd naar de blues en die niet imiteert maar verteert. Op 'I Think You Know', geschreven de dag na een breuk en in twee uur op papier gezet, is zijn stem een tweede stem die de emotie van Peperzaks compositie van een andere kant aanraakt. Dat stuk is ook om andere redenen de kern van de plaat: het is het bewijs dat goede jazzmuziek niet oud hoeft te zijn om te raken.
'JaJaJa' is de lichtste noot op een album dat verder geen leegte kent: de titel verwijst naar een studiogeintje dat escaleerde tot stopwoord. 'Song For My Couch' heeft zijn eigen kleine mythe, geschreven op de bank waar Peperzak noodgedwongen sliep tijdens een bedwantseninvasie. 'Floating On Dream Soda' biedt geen verklaring en heeft er ook geen nodig. Muziek is wat je er zelf van maakt, zegt Peperzak. De vraag is niet of er een tweede plaat komt, maar hoe snel.
- Jadi Peperzak presenteert 'Amity' op 3 mei in LantarenVenster, Rotterdam.
